Bijna iedereen heeft wel een la met een paar tubes lijm die ooit voor iets specifieks zijn gekocht en daarna nooit meer gebruikt. En toch gaat het regelmatig mis: je plakt iets, het lijkt te houden, en twee dagen later ligt het weer los. In de meeste gevallen ligt dat niet aan de lijm zelf, maar aan de combinatie van lijm en materiaal.
Waarom de ene lijm de andere niet is
Lijm werkt op twee manieren tegelijk: hij hecht aan het oppervlak en hij vormt zelf een sterke laag. Bij een poreus materiaal als hout of karton trekt de lijm het oppervlak in en ontstaat een mechanische verankering. Bij glad materiaal als metaal, glas of veel kunststoffen kan dat niet, en moet de lijm het volledig hebben van chemische hechting.
Dat verklaart waarom secondelijm prima werkt op keramiek maar nauwelijks op polypropeen, en waarom een tweecomponenten epoxy wél houdt op metaal terwijl gewone alleslijm daar loslaat. Het is geen kwestie van sterker of zwakker, maar van de vraag of lijm en materiaal bij elkaar passen.
Kijk eerst naar de belasting
Vraag jezelf af wat de verbinding straks moet doorstaan. Een decoratief object dat op een plank staat, vraagt iets anders dan een onderdeel dat trilt, warm wordt of buiten in de regen hangt. Trekkracht, schuifkracht en temperatuur bepalen samen welk type lijm zinvol is.
Voor constructieve verbindingen in metaal grijp je al snel naar epoxy, die na uitharden een harde, sterke laag vormt en goed vult als de naad niet helemaal strak is. Voor materialen die moeten kunnen meebewegen, zoals rubber, is een flexibele lijm juist beter, omdat een harde lijmlaag daar simpelweg breekt. Twijfel je welke variant bij jouw combinatie hoort, dan helpt de lijmwijzer van mesaproducts.nl je op basis van materiaal en toepassing naar het juiste type.
Voorbewerken is het halve werk
Hier gaat het in de praktijk het vaakst mis. Een oppervlak dat vettig, stoffig of nog nat is, geeft de lijm geen kans om te hechten, hoe goed de lijm zelf ook is. Ontvetten met wat spiritus of aceton kost een minuut en verdubbelt in veel gevallen de sterkte van de verbinding.
Bij heel gladde materialen helpt het om het oppervlak licht op te ruwen met fijn schuurpapier. Je maakt daarmee microscopisch kleine oneffenheden waar de lijm zich aan kan vastzetten. Vergeet daarna niet het schuurstof weg te halen, anders lijm je vooral stof aan stof.
Geef het tijd
Uithardingstijd en eindsterkte zijn twee verschillende dingen. Een lijm kan na tien minuten al aanvoelen alsof hij vastzit, terwijl de volledige sterkte pas na een etmaal wordt bereikt. Ga je te vroeg belasten, dan trek je de verbinding kapot voordat die af is.
Fixeer het werkstuk in die tussentijd met een lijmklem, tape of gewoon een zwaar boek. Een verbinding die tijdens het uitharden een millimeter verschuift, wordt nooit meer zo sterk als bedoeld. Dat beetje geduld is uiteindelijk goedkoper dan het karwei twee keer doen.